“Ik heb maar één verlangen…” snikt Sevim. Ze kan zich niet meer bedwingen “…Om als gezin een veilige plek te hebben, waarvan we kunnen zeggen: dit is ons thuis”. Sevim’s tent is een schaduw van haar verwoeste appartement waar ze tegenover kampeert. Haar hele leven is te vatten in de brokstukken om haar heen.

Sevim Uğurlu woont met haar vijf kinderen in Samandağ. Ze hadden een eigen winkel en een goed leven. Onverwachts viel dat leven in duigen door de hevige aardbeving. De hele familie Uğurlu overleefde de ramp, maar hun toekomst lag in puin. Ze sliepen in de auto, en nu in een tent. Zelfs ruim een jaar na de aardbeving. De omstandigheden voor vocht en ongedierte zorgt voor ziekten.

Sevim zou zo graag terug willen naar die oude tijd. Maar ze heeft geen hoop meer. Maar haar kinderen. Die zijn belangrijk. Daarom wil ze graag dat haar kinderen kunnen studeren. Maar de maandelijkse bijdrage is veel te weinig om hiervan te leven. Daarom hebben ze een lening afgesloten. Dit hebben ze geïnvesteerd in een groentetuintje en wat kippen. Het grootste deel van de opbrengst gaat naar de kinderen.

Sevim vindt het erg moeilijk om te denken over God, omdat ze Zijn hulp niet ervaart. Toch heeft ze wonderen ervaren. Eén ervan: in de nacht van de aardbeving, moest de familie op blote voeten het huis uit vluchten, dwars door alle glasscherven. Sevim ervoer het als een wonder dat niemand gewond raakte. Geen schrammetje. En zo waren er wel meer wonderen. Toch is het heel moeilijk om hoop voor de toekomst te hebben. Haar leven bestaat enkel uit overleven.

“Ik wil jullie bedanken voor de hulp. Onze mensen leven nog steeds in zware omstandigheden, maar we zijn erg blij dat we leden van dezelfde Kerk zijn. Ook ben ik erg blij om samen te werken met Bijzondere Noden en dat jullie als Nederlanders voor ons zorgen en naar ons omkijken. Mochten jullie ooit hulp nodig hebben, dan ben ik bereid om dat te geven als medegelovigen en leden van hetzelfde lichaam. Hartelijk bedankt voor alles!”

Het zijn de woorden van Metin Demirel. Ons contactpersoon die vanuit Izmir hulp biedt aan het getroffen gebied in Turkije.

Ooit was Metin moslim. Maar toen zijn zus van Metin bij het Woord kwam, ging zij voor haar broer bidden. Metin zat ondertussen in een moeilijke situatie: zijn vrouw verliet hem en hij werd depressief. Op een dag ontdekte hij een Bijbel in zijn tas. In de nood van zijn leven leerde Metin bidden behalve bidden ook Bijbellezen. Hij kwam in contact met christenen en werd gedoopt. De kerk is voor hem zijn familie. Niet alleen zondags, maar ook doordeweeks ontmoeten de gemeenteleden elkaar.

Toen de aardbeving kwam, gingen de gemeenteleden gelijk naar het rampgebied om hulp te verlenen. Metin werd coördinator en werd verantwoordelijk voor de inkoop van goederen, contacten, transport, rapportage, enzovoorts.

In het aardbevingsgebied Hatay zijn de noden nog steeds hoog. Veel mensen wonen in tenten of containerwoningen en hebben minder inkomen of geen werk. Ouders willen hun kinderen toekomst bieden, maar hebben moeite om het hoofd boven water te houden. De overheidssteun is maar beperkt en daarom ervaren de aardbevingsslachtoffers de noodhulp als een grote zegen.